Geschiedenis

Troonrede 9 november 1984

Deze troonrede is voorgedragen op de geboortedag van VeGeTiSt op 9 november 1984.

 

Beste collega-studenten en medeoprichters (m/v), geachte genodigden,

Het is onder studentenverenigingen en trouwens ook wel bij andere randgroepen zoals de Nederlandse regering gebruikelijk dat het bestuur bij monde van haar voorzitter een rede uitspreekt waarin zij bekend maakt wat het beleid voor het komende jaar wordt. Dat heet dan: de Troonrede.

In het nu en vooral, het hier, is absoluut geen sprake van een bestuur en ternauwernood van een voorzitter (hoewel ik dat, voor alle duidelijkheid, niet ben). Toch is het van belang dat enigszins wordt uitgesproken hoe de vanavond op te richten VeGeTiSt vorm gaat krijgen en wat zij van plan is.

Welnu, om te beginnen lijkt deze, nog embryonale vereniging, tot nu toe de nononsense-geest te ademen van het tijdperk waarin zij ter wereld komt. Ik doel hiermee met name op de vliegende start die wij getracht hebben te maken om van het lopende seizoen zo min mogelijk te verliezen en zo snel mogelijk echt aan de gang te kunnen.1 In principe behoort deze dadendrang positief beoordeeld te worden, waarbij ik de hoop uitspreek dat het niet ontaard in zichzelf voorbij hollen. Het is prima dat zich hier in Tilburg een groep kennelijke enthousiastelingen verzameld heeft.

Wanneer hier sprake is van jeugdig enthousiasme, dan sluit dat weer min of meer aan bij de termen van kraamkamer en geboorte waarin door vriend en vijand van VeGeTiSt gewag is gemaakt. In een namens de VGSEi gestelde brief sprak Johand Volmer zelfs al over de leeftijd der zelfstandigheid. Nu komt deze opmerking uit een vereniging die, gerekend naar haar jaren, zo ongeveer net aan haar pubertijd toe is, dat neemt niet weg dat we de essentie van deze ogenschijnlijke ongerijmdheid moeten onderkennen. Dat wil zeggen dat we ons van ons eerste ogenblik af zullen proberen te gedragen als een volwassen vereniging.

Zoals denk ik wel bekend, wordt algemeen aangenomen dat iemand karakter wordt bepaald door afkomst en milieu, oftewel, dat wat al aanwezig is en datgene wat je erin stopt. Wat betreft die afkomst hoeven we ons vooralsnog niet druk te maken, afgaand op de gevarieerdheid naar leeftijd, herkomst en studierichting van het gezelschap in kwestie. Daarbij ga ik er maar vanuit dat een breed samengesteld en breed georiënteerd gezelschap garant staat voor een interessante en levenskrachtige vereniging. De andere zijde van het karakter is dat wat we er zelf in gaan stoppen. Hier lijkt vooralsnog inhoud de voorkeur boven vorm te hebben. Dit komt naar voren in het informele karakter van de op te richten vereniging. Dit blijkt ook uit het feit dat we ons niet dan bij hoge uitzondering zullen bedienen van het Latijn. Mij dunkt dat we dit, en dat geldt zeker hier in Brabant, als een typisch Roomse dwaling behoren te verwerpen.

Een laatste karakterelement is dat na te streven intergratie met de kerkelijke gemeente van Tilburg, middels jeugdvereniging en bijbelkring. Dit is een streven dat ten zeerste toe te juichen is. Ik denk dat we daarmee kunnen ondervangen dat we als studentclub een elitair karakter zullen krijgen. Dat is een situatie die zeker niet denkbeeldig is. Daarvoor hoef je in een andere studentensteden maar om je heen te kijken. Het is echter een situatie die zeker binnen een kerkelijke gemeente niet behoort voor te komen.

 

Tot slot wil ik graag een dronk uitbrengen op een goede bevalling!

 

9 november 1984, Arie de Bie

 

1 De annalen spreken van een eerste bijeenkomst op 23 oktober 1984.

 

Joomla inotur picma